's winters zoeken Pestvogels vaak heesters als
Cotoneaster, Gelderse Roos en malussoorten op die veel bessen dragen.
Omdat deze vaak in parken, lanen en tuinen zijn te vinden, verschijnen ze
niet zelden dicht bij onze huizen en door hun makheid zijn ze dan goed te
bekijken. In het voorjaar kunnen ze ook af en toe op insectenvangst worden
gezien. Het zijn broedvogels van het hoge
noorden en het interessant te weten dat pas zo'n honderd jaar geleden het
eerste nest werd gevonden.
Pestvogels bezoeken West-Europa zeer
onregelmatig. Sommige jaren worden ze in het najaar en 's winters
nauwelijks gezien, terwijl in andere jaren, zoals in 1944, 1949,
1965-1966, 1995-1996, er van ware invasies kan worden gesproken. Die van
1965-1966 was vermoedelijk de grootste van de 20ste eeuw. Ze verschijnen
gewoonlijk begin november en blijven dan hier en daar de struiken met rode
bessen bevolken totdat deze zijn opgesoupeerd. De laatste Pestvogels
worden meestal in maart gezien.
Tijdens de invasie in 1995-1996 doken ze in het
hele land op, maar vooral benoorden de grote rivieren. België en
Frankrijk bereikten ze ook, maar lang niet in zo grote aantallen. Ruw
geschat deden toen ongeveer 8.000 tot 10.000 Pestvogels Nederland aan.
Geen broedparen in Nederland.
|

Zuid-Holland, februari 2010

Zuid-Holland, februari 2010

Zuid-Holland, februari 2010

Zuid-Holland, februari 2010

Zuid-Holland, februari 2010

Zuid-Holland, februari 2010

Zuid-Holland, februari 2010

Zeewolde, november 2008

Zeewolde, november 2008

Zeewolde, november 2008

Zeewolde, november 2008

Zeewolde, november 2008 /
af toe zijn het echte acrobaten

Zeewolde, november 2008 /
af toe zijn het echte acrobaten

Zeewolde, november 2008

Zeewolde, november 2008

Schijndel, januari 2006
Sint Michielsgestel,
februari 2006
Schijndel, januari 2006
Sint Michielsgestel,
februari 2006
Wageningen januari 2007
|