Leeft in de zomer van
insecten en op andere tijden van vruchten. Houdt zich tijdens het zingen
in het gebladerte verborgen. Komt voor in gemengd bos met rijke struiklaag
en aanplant. Bouwt een komvormig nest in de lage struiken.
Te zien vanaf april-mei
tot in augustus-oktober. Overwintert in Centraal- en Zuid-Afrika.
Aantal broedparen in
Nederland: 120.000 tot 150.000 (1998-2000)
|