Krooneend, Netta rufina / Red-crested Pochard

Harderwijk, oktober 2007


Adult mannetje in de avondzon


Het juweel onder de duikeenden is de Krooneend. Vooral de mannetjes zijn, met hun vosrode kop, een lust voor het oog.

Krooneenden zijn broedvogels van meren en plassen met een riet- of kruidenrijke oever, waarin het nest wordt gebouwd. Een rijke onderwater vegetatie, liefst van kranswieren, is een vereiste, daar deze planten de hoofdmoot van het menu uitmaken. Dierlijk voedsel als slakjes en insecten vormt slechts een aanvulling hierop.

Wintergast en schaarse broedvogel. De Nederlandse krooneenden brengen de winter groepsgewijs door op grote open wateren, van het IJsselmeer tot in Zuidwest-Europa. Trekkers en overwinteraars zijn 's winters in vrij behoorlijke aantallen te zien op het Markermeer.

Krooneenden staan op de Rode Lijst vanwege de sterke afname van het aantal broedparen, in combinatie met een zeer beperkte verspreiding

Hoewel krooneenden voedselrijk water prefereren, kan een te grote aanvoer van voedingsstoffen leiden tot het verdwijnen van de soort. Een dergelijke eutrofiëring leidt immers tot vertroebeling van het water en het verdwijnen van veel waterplanten. In de Botshol bleek dat het terugdringen van de eutrofiëring een herstel van de hoeveelheid kranswieren én een toename van de krooneend tot gevolg had. Een verstandig waterbeheer van plassen en meren lijkt dan ook de best denkbare beschermingsmaatregel. Verder is het behoud van de rust, speciaal op de oevers van groot belang. Buiten de broedtijd pleisteren veel, deels Nederlandse, krooneenden tegenwoordig op de Gouwzee (een deel van het Markermeer) en het nabijgelegen reservaat Binnenbraak. Behoud van de rust en van de onderwater vegetatie aldaar is onontbeerlijk voor een verder herstel van de soort in ons land.

Aantal broedparen in Nederland: ca 120-170 broedparen.



Mannetje en vrouwtje